De Utrechtsche Filmliga

Floor Peeters

‘Het gaat om de film. Eens op de honderd keer zien wij: de film. Voor de rest zien wij: bioscoop. De kudde, het commercieele regime, Amerika, Kitsch. In dit stadium zijn film en bioscoop elkaars natuurlijke vijanden. Ons geloof in de zuivere, autonome film, de film als kunst en als toekomst is nutteloos, als wij niet zelfde zaak ter hand nemen. Wij willen dat. Wij willen zien wat er in de werkplaatsen der Fransche, Duitsche en Russische avant-garde geëxperimenteerd en bereikt is. Voor de film willen wij naar ons vermogen werken, critisch, maar in beginsel opbouwend, instructief, onafhankelijk.’(1)

Zo formuleerde Henrik Scholte op 14 mei 1927 in zijn manifest het doel van de Filmliga. Zijn oproep zou leiden tot een landelijke organisatie die voor haar leden vertoningen organiseerde van kunstzinnige films. Op die manier wilden Scholte en de zijnen de filmkeuring en de onwil en/of onkunde van bioscopen om niet-commerciële films te programmeren omzeilen.

Ook in Utrecht was het besef doorgedrongen dat, hoewel ze wel degelijk de moeite waard waren, sommige films toch niet in de bioscopen terechtkwamen. De architect ir. Sybold van Ravesteyn was degene die het voortouw nam bij de oprichting van een Utrechtse afdeling van de Filmliga. Na wat oprichtingsproblemen (‘dankzij een monsterworsteling tussen ´t celluloid en Utrecht’ (2)) werd op dinsdag 4 oktober 1927 de Utrechtsche Filmliga officieel opgericht.

Het Utrechtse oprichtings-manifest was beduidend gematigder dan de Amsterdamse en Rotterdamse manifesten. Het maakte bijvoorbeeld reclame voor de natuurfilms die de Utrechtse Filmliga op haar programma had gezet, in tegenstelling tot Amsterdam en Rotterdam.(3) Evenmin probeerde het bestuur van de Utrechtsche Filmliga de gevestigde bioscopen af te vallen. De verklaring voor het succes van de commerciële bioscopen werd gezocht bij de wens van het grote publiek om slechte films te zien.

De behoudendheid van het bestuur van de Utrechtse afdeling kwam ook tot uitdrukking in de programmering. De programma´s voor de afdelingen van de Filmliga werden meestal door het landelijke hoofdbestuur vastgesteld. De Utrechtse afdeling was het niet altijd eens met die keuzes eens, en was standvastig in haar mening. Maar zelfs binnen het Utrechtse bestuur was er onenigheid…

In november 1928 ontstond er een conflict over het wel of niet vertonen van BED EN SOFA. Deze Russische film was afgekeurd door de filmkeuring omdat er een driehoeksverhouding in voorkwam. Pas op 21 november hoorde Van Ravesteyn van het voornemen om de film op de 29ste van die maand te programmeren. Hij schakelde direct zijn mede-bestuurslid Jhr. Radermacher Schorer in: ‘Amice, Ik hoorde geruchten dat er a.s. zaterdag in A´dam 3e Liga is met “Bett en Sofa”. Wij zouden dan a.s. donderdag 29 nov. draaien en dit moeten wij gauw weten. Telegrafeer daarom even naar Ivens of de geruchten waar zijn. Hartelijke groeten van Ravesteyn.’(4) De geruchten bleken waar. Albert Kuyle (pseudoniem voor Louis Kuitenbrouwer), het katholieke bestuurslid en redacteur van het katholieke tijdschrift De Gemeenschap, vond het onverantwoord deze film te vertonen. Van Ravesteijn daarentegen wilde koste wat kost de film wél laten zien en schreef aan Radermacher Schorer: ‘Ik denk er niet aan toe te geven; het is een ernstige film die de mislukking juist laat zien van de russ. huwelijks- en abortusmoraal; ook aan couperen denk ik niet aan. Laat Utrecht zich niet blameeren, waar alle andere steden natuurlijk wél B en S zullen vertoonen. Er zijn nog maar een paar Katholieken lid en van Vos en Lichtveld weet ik al zeker dat zij niet zullen tegenwerken. Je kent Kuitenbrouwer; hij schettert graag en is op sexueel gebied zéér ingenomen; voor zijn plezier voel ik er niets voor om een avond en nacht in Utrecht te blijven; breng dan mijn stem maar over en excuseer mij die avond; Krijgt hij zijn zin, dan treed ik af en uit; per direct.’(5)
Dat was dus duidelijke taal van Van Ravesteyn.

BED EN SOFA werd op 29 november wel vertoond. Albert Kuyle trok zijn conclusies en bedankte als bestuurslid van de Utrechtsche Filmliga. In het Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad werd het voorval uitgebreid beschreven: ‘De Filmliga afdeeling Utrecht heeft gisteravond de door de Centrale Filmkeuring afgekeurde Russische film “Bed en Sofa” voor haar leden laten draaien. Er is eenige moeilijkheid aan voorafgegaan. Een der bestuursleden, een katholiek, heeft zich tegen het vertoonen van de film verzet, op grond blijkbaar dat zij in strijd zou zijn met de goede zeden. Het Bestuur meende toch, in overeenstemming trouwens met het Hoofdbestuur en eenige andere afdeelingen de vertooning door te moeten zetten, waarop genoemd lid uit het Bestuur is getreden.’(6) Albert Kuyle zelf schreef op 12 april een reactie, gericht aan Menno ter Braak, die gepubliceerd werd in De Gemeenschap van mei 1929. Hij roemde de begrijpende houding van zijn medebestuursleden, maar veroordeelde de reactie in de kranten. Ondanks de vervelende reacties op zijn vertrek wilde hij de Filmliga in ‘oprechte vriendschap’ blijven volgen.(7)

De Nederlandsche Filmliga werd in 1933 opgeheven. Ook de Utrechtse afdeling hield toen op te bestaan. Wel heeft in vele steden, waaronder Utrecht, de vertoning van ‘kunstzinnige’ films een vervolg gekregen. De naam “Utrechtsche Filmliga” heeft zo nog lang bestaan.

1. Filmliga, nr.1, Amsterdam, 1927, in: Jan Heijs (red.), Jaargangen Filmliga 1927 – 1931, Amsterdam/Nijmegen, Uitgeverij J. Clausen/SUN, 1982

2. Brief van Van Ravesteyn aan Scholte, 3 oktober 1927, Filmliga Archief, 119, Filmmuseum Amsterdam

3. Utrechtse circulaire, Filmliga Archief, 136, Filmmuseum Amsterdam

4. Brief van Van Ravesteyn aan Radermacher Schorer, 21 november 1928 (poststempel), KB 135 B 111, Koninklijke Bibliotheek, Den Haag

5. Briefkaart van Van Ravesteyn aan Radermacher Schorer, datum onbekend, KB 135 B 111, Koninklijke Bibliotheek, Den Haag

6. Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad, 30 november 1928

7. De Gemeenschap, nr. 5, mei 1929

Onderzoek

ir. Sybold van Ravesteyn

jhr. Radermacher Schorer

Albert Kuyle