Lohoff's Grand Kinematograaf in de Schouwburg

Van 17 tot 22 en van 28 tot 29 vovember 1905

W. Lohoff kwam in november 1905 opnieuw in Utrecht. Tegen zijn plan om voorstellingen te geven in de, geheel uit hout opgetrokken Utrechtse schouwburg, maakte de commandant van de brandweer aanvankelijk ernstige bezwaren: 'Indien het toestel tot het geven van lichtbeelden op het tooneel wordt geplaatst, onder de coulissen en gordijnen welke zich, op een paar meter afstand daar boven bevinden, dan bestaat er vrees dat bij het kleinste ongeluk de vlammen van het zoo vreeselijk brandbare film, de geheele massa in brand steken. Wordt het toestel op een der verdiepingen, op de galerijen geplaatst, dan bestaat weder het gevaar dat de geheel houten en doekomgeving en houten schotten, in brand geraken. De geheel van hout, doek en papier samengestelde, voor het publiek bestemde ruimte leent er zich niet toe, brandgevaarlijke voorstellingen te geven.'(1) De heer Lohoff kwam daarop met het voorstel 'achter den schouwburg een klein huisje op [te] stellen en zoodoende door beide deuren welke zich daar bevinden onze projecties naar binnen [te] werken', met als bijkomend voordeel dat 'nu niet de stroom van het licht over de hoofden van het publiek gaat'.(2) Tegen deze wijze van projecteren had de brandweercommandant geen bezwaar. Lohoff kon toen een afwisselend programma gaan vertonen, waarbij hij blijkens zijn advertenties, kon putten uit een grote collectie films en waarmee hij het publiek van acht uur tot half elf bezighield. ''t Is de moeite waard er heen te gaan. Vooral de kinderen kunnen thans in den Schouwburg veel zien en leeren wat hun niet dagelijks onder de oogen komt'(3), schreef de Utrechtsche Courant.

Een ingezonden brief in het Utrechtsch Dagblad verwoordde echter een andere mening: 'Daar ik nog nimmer een voorstelling had bijgewoond, ging ik gisterenavond na de pauze een bezoek brengen aan de Lohoffs Internationaal Grand Kinematograaf. - Er werden mooie stukken op het doek gebracht, als Zwitserland in den winter en Carnaval in Venetië, maar de stukken Gefopte Droomen, Verraderlijke inktvlakken, Plafonddansen, enz. verheffen niet. Waarom keurt de commissie die hier recht toe heeft de stukken niet af? Of bestaat zulk eene commissie niet?'(4) Zulk een commissie bestond inderdaad (nog) niet. Een dag later antwoordde in de krant een zekere 'V' met verwijzing naar De Genestet: 'Gij die in alle dingen, Slechts zonde vindt en schuld... Van leelijke gedachten, Is vast uw ziel vervuld.'(5)

1. Notulen Brandwezen 1905, 144 B

2. Notulen Brandwezen 1905, 157 A

3. Utrechtsche Courant, 20 nov. 1905

4. Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad (Utrechtsch Dagblad), 22 nov. 1905

5. Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad (Utrechtsch Dagblad), 23 nov. 1905

De reizende bioscoop - Volgende

De Utrechtse Schouwburg op het Vreeburg omstreeks 1905. (HUA)